Boos

Ik ben opgegroeid in een gezin waar ons geleerd werd om niet boos te worden en rekening te houden met het standpunt van de ander. Als iemand boos werd, had ik het daardoor altijd moeilijk. Niet boos worden lijkt christelijk en positiever. Maar het is niet alleen maar positief. Het is soms – en misschien wel vaak – juist erg goed om je hart te luchten. Woede zorgt ervoor dat je niet cynisch wordt en dat je niet afgestompt raakt. Wie cynisch en afgestompt wordt, dreigt te bevriezen. En dat is erg. Want het conflict is dan koud geworden.

Bij een warm conflict is er volop energie. Verhitte koppen staan dan tegenover elkaar, de bloeddruk stijgt en soms moeten anderen tussenbeide komen om te voorkomen dat mensen elkaar in de haren vliegen. Bij zo’n warm conflict, waar de vlammen uitslaan, is beweging genoeg om nog wat te doen. Want de emotie van beide partijen is voelbaar. Als beide partijen ontdekken wat er voor de ander op het spel staat, geeft dat kansen voor toenadering. Bij een koud conflict is die ruimte er niet meer. Een koud conflict is daardoor veel moeilijker op te lossen. Dan lijkt de situatie bevroren, muurvast. De partijen negeren elkaar volkomen. De ander geldt als dood en begraven. Uit elkaar gaan lijkt dan de beste optie.

Ik begin over dit onderwerp, omdat er veel boosheid is in de samenleving. Er is woede van boeren die zich in hun bestaan bedreigd voelen. Er is woede van mensen die gebukt gaan onder de toeslagenaffaire of onder de langzame afwikkeling van aardbevingsschade. Er is woede bij mensen die zich zorgen maken omdat er een AZC bij hen wordt geplaatst. Maar ook hulpverleners die schande spreken over de trage afwikkeling van de opvang van vluchtelingen zijn boos. Er is woede onder mensen die alsmaar geen huis kunnen krijgen. Er is woede onder mensen die ondanks hun werk niet meer rond kunnen komen. Als men nog boos is, is dat winst. Cynisme is erger. Want dan lijkt alle hoop vervlogen.

Boosheid is dus niet altijd negatief. Maar het kan ook onterecht zijn. Vorige week stak een automobilist op de snelweg zijn middelvinger naar me op toen hij me inhaalde. Ik hield me die keer juist precies aan de maximumsnelheid. Blijkbaar was dat iets wat hem niet beviel. Vanuit zijn ongeduld wilde hij voortmaken en koos hij ervoor de maximum toegestane snelheid fors te overschrijden. Dat hij in zo’n situatie boos wordt, is onterecht. Want het is boosheid die alleen maar opkomt uit eigenbelang. Al kan het natuurlijk ook zijn dat ik zat te suffen en zonder dat ik er erg in had van rechts naar links zwalkte. Dan had hij meer reden voor zijn boosheid.

Wanneer is woede terecht en wanneer niet? De Amerikaanse denker Paul Tillich geeft een belangrijk criterium: “Woede is liefde in het nauw”. Woede deugt als die opkomt omdat je liefde wordt aangetast. Je liefde voor het land of voor de dieren waarvoor je zorgt. Je liefde voor je kind dat gepest wordt op school. Bij zulke woede staat er een waarde op het spel.

Omgaan met boosheid blijft lastig voor me. Maar een collega met wie ik lang samenwerkte, was voor mij een prachtig voorbeeld. Als ik schrok omdat iemand heel verontwaardigd met stemverheffing reageerde, zei zij altijd juist heel oprecht: “Wat gaaf, je bent verontwaardigd! Dan wordt er een waarde van jou bedreigd. Vertel!”

Ik stel daarom voor om een zaligspreking toe te voegen aan de bekende reeks. Zalig (dat is: diep gelukkig) ben je als je verontwaardigd bent. Want dan heb je een waarde die heilig voor je is.